De honger lijkt niet te stillen: er lijkt geen maat te staan op de vraag naar snelheid en capaciteit.

Voor streaming muziek, online video of andere breedbandige toepassingen in huis of op het werk. De netwerktechnologie beweegt mee: via 1G-analoog, 2G-GSM en 3G-UMTS zijn we inmiddels aanbeland in het 4G-LTE tijdperk.  De data die per eenheid frequentieruimte afgehandeld kan worden, is per technologie enorm toegenomen. Vraag en aanbod sluiten daardoor goed op elkaar aan. Om te garanderen dat dat zo blijft hebben operators in principe de volgende mogelijkheden.

Meer basisstations

Operators kunnen de capaciteit van een netwerk  verhogen door meer basisstations te plaatsen. Dat leidt tot een kleiner dekkingsgebied en minder gebruikers per basisstation. Per gebruiker is er dan meer capaciteit beschikbaar. Het plaatsen van extra basisstations betekent vaak ook dat er extra antenne-opstelpunten gebouwd moeten worden. Hoewel dat duur is en relatief veel tijd kost, laten de cijfers zien dat operators daar actief aan werken.

Totale beschikbare capaciteit per gebied, van alle mobiele netwerken tezamen (1 januari 2015)
Totale beschikbare capaciteit per gebied, van alle mobiele netwerken tezamen (1 januari 2016)

Antenneregister

Waar staan antennes in Nederland? En wat voor antennes zijn dit? In het antenneregister staan vrijwel alle vast opgestelde antenne-installaties met een zendvermogen groter dan 10 decibel Watt (dBW). Ook de antennes van radiozendamateurs staan er in. Neem eens een kijkje!

Meer frequentieruimte

Daarnaast hebben operators de mogelijkheid om meer frequentieruimte te gebruiken. Deze kunnen zij bijvoorbeeld via een veiling verkrijgen. Hun apparatuur ondersteunt de nieuwe frequentieruimte in de regel al. Maar frequentieruimte is schaars en daardoor vaak kostbaar. Bovendien brengen leveranciers van netwerk-apparatuur vaak licentiekosten in rekening op basis van de gebruikte frequentieruimte. 

Gedeeld gebruik

LSA staat voor Licence shared access. Het is een techniek die gedeeld gebruik van eenzelfde frequentieband mogelijk maakt.  Hierbij ontstaat er op een bepaald moment, op een bepaalde frequentie in een bepaalde regio een soort “alleenrecht”. LSA is vooral bruikbaar voor die frequentiebanden die niet continu in gebruik zijn. De GSM- en UMTS-banden zijn hiervoor dus niet geschikt.

De vergunningaanvraag zal bij LSA volledig geautomatiseerd zijn. Het gebeurt vanuit het gebruikte apparaat zelf. Zo kan in de toekomst vanuit een camera een vergunning worden aangevraagd voor gebruik van frequenties voor een televisie-uitzending. Vanuit de database van Agentschap Telecom krijgt de aanvrager vervolgens een frequentie toegewezen. Deze wordt automatisch in het apparaat geprogrammeerd. Hierna kan de uitzending van start gaan. Als blijkt dat de primaire gebruiker van de band alle frequentieruimte nodig heeft, dan krijgen de andere gebruikers te horen dat ze hun uitzending moeten opschorten.  

Het verdelen van frequentieruimte gaat op deze manier zeer snel en gemakkelijk. Het maakt het bovendien mogelijk dat frequenties zowel in tijd als per locatie gedeeld kunnen worden. Nadeel is dat er geïnvesteerd moet worden in automatisering om het systeem te laten werken. Dat geldt zowel voor de gebruikers van de frequentieruimte, als voor Agentschap Telecom.

Op dit moment is er bij het agentschap een pilot om LSA verder te ontwikkelen. Als die succesvol blijkt, kan LSA mogelijk ook voor andere frequentiebanden gebruikt worden.